M e d i t e r e n   m e t . . .

Benedictus

Benedictus van Nursia trok zich rond het jaar 500 terug in de eenzaamheid om als kluizenaar te leven bij Subiaco. Hij krijgt daar volgelingen en sticht een twaalftal kleine communiteiten. Later gaat hij naar Monte Cassino en sticht daar een grotere gemeenschap van monniken. Hun doel is in de stilte God te zoeken en te verheerlijken. Daarvoor is een persoonlijk leerproces nodig om steeds meer naar Gods bedoeling te gaan leven. Ten dienste van deze leerschool voor de dienst van God schrijft Benedictus tussen 540 en 560 zijn Regel voor Monniken. Voor de meditatie kiezen wij daaruit één van de laatste hoofdstukken, hoofdstuk 72, over de goede ijver die monniken moet bezielen.

Deze meditatie is ingesproken door broeder Johan te Velde, monnik in de Benedictijner Willibrordsabdij in Doetinchem.

Franciscus

Franciscus van Assisi leefde van 1182-1226. Zijn leven maakte op zijn tijdgenoten toen en op velen die er later van hoorden, tot nu toe, zo veel indruk, vanwege zijn radicale navolging van Jezus Christus. Geïnspireerd door het verhaal van de rijke jongeling liet Franciscus wél alles achterliet om de weg van het evangelie te gaan:
Hij was de vriend van de mensen aan de rand, de verstotenen, de melaatsen.
Hij leefde dichtbij de natuur en hij sprak met de dieren en de elementen alsof het zijn broeders en zusters waren.
Zijn leven was één grote lofzang aan God.

Franciscus werd niet bepaald als heilige geboren. Dat nam niet weg dat hij het door zijn omkering wel geworden is.

Heiligen hebben een verleden nodig
    en zondaars een toekomst.

De eerste meditatie is een lofzang die volgens de overlevering van broeder Leo door Franciscus, met eigen hand op perkament is geschreven, nadat hij op de Vernaberg een visioen heeft gehad en de stigmata had ontvangen. (Bron: Een man uit het dal van Spoleto, Franciscus tussen zijn tijdgenoten geschreven door Helene Nolthenius).
Deze meditatie wordt gelezen door Corina Terlouw, auteur van het boek Mijn verhaal met Franciscus.

De volgende meditatie leest het aan hem toegeschreven “Maak mij een werktuig van uw vrede”

Saint Patrick

St. Patrick leefde in de vijfde eeuw. Hij werd geboren in Engeland maar werd als slaaf verkocht, waardoor hij in Ierland terecht kwam. Daar kwam hij tot geloof in Christus.
Toen hij eenmaal vrij man was geworden ging hij rond om het evangelie te verkondigen.
Van hem is deze zegen die we elkaar nog steeds toewensen.

Augustinus

Aurelius Augustinus woonde in Noord Afrika. Aanvankelijk was hij filosoof, op zoek naar de zuivere waarheid die hij vond in het manicheïsme. Echter, na een persoonlijke crisis en een bijzondere Godservaring bekeerde hij zich tot het christendom. Augustinus beschreef zijn bekering in zijn autobiografische Confessiones (Belijdenissen). Vanaf 41-jarige leeftijd was hij bisschop van Hippo. Hij bleef dat totaan zijn dood.

De tekst van deze meditatie is het begin van de Confessiones. Het boek, een soort autobiografie, is geschreven als één lang gebed tot God. Het dateert van omstreeks het jaar 395.

Deze meditatie is ingesproken door Adriaan van Oosten, liefhebber van het werk van Augustinus.